Canto Ostinato

Toon Hagen
18
June
20:30 uur
Toon Hagen

Toon Hagen is als cantororganist verbonden aan de Grote of St. Michaelskerk te Zwolle. Zijn orgel opleiding begon bij Egbert Klein.Vervolgens studeerde hij hoofdvak orgel bij Rienk Jiskoot en kerkmuziek aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Aan het Arnhems concervatorium behaalde hij de aantekening improvisatie bij Bert Matter.
Naast het leiden van de Michaëlscantorij, geeft hij ook leiding aan het Michaëlscantatekoor dat meewerkt aan de cantatevieringen in dezelfde kerk.
Hij componeerde o.a motetten, liedbewerkingen voor koor, orgel en orkest en een aantal fantasiën voor orgel voor concertant gebruik. Tevens is hij actief als docent en concertorganist.
Regelmatig programmeert hij naast het ”klassieke” orgelrepertoire ook werk van eigen hand en diverse Nederlandse componisten. Zo vertolkte naast het beroemde Canto Ostinato ook Neither shadow nor prey van Simeon ten Holt in een eerste versie voor orgel.
Een uitvoering van Canto is in vele opzichten een enorme maar ook mooie muzikale uitdaging. De ruimte van een kerk,het instrument met alle mogelijke klankkleuren waaruit de vertolker kan putten zorgen ervoor dat iedere uitvoering weer anders is.
Bij een uitvoering door b.v enkele pianisten is het van belang om in de onderlinge dialoog uiteindelijk tot een zekere taakverdeling te komen waarbinnen toch ruimte blijft om tijdens de uitvoering aan muzikale invallen op dat moment gehoor te kunnen geven.
Datzelfde proces is meer individueel aan de orde tijdens de voorbereiding en de uitvoering door een enkele vertolker op orgel. Er is wel degelijk een plan en b.v de registerkeuzes zijn vooraf gemaakt en uitgewerkt.Toch zal er tijdens de uitvoering altijd de optie zijn dat het anders loopt . . . In die zin is een uitvoering altijd weer een mooie en spannende reis.

Canto Ostinato ontstond in het begin van de 70-er jaren van de vorige eeuw en is het meest uitgevoerde werk van de componist Simeon ten Holt (1923-2012). Het werk kreeg veel waardering in concertzalen, publieke ruimtes (zoals de Stationshal van Groningen) en naar aanleiding van cd-opnamen. Op het eerste gezicht bevat Canto Ostinato al de compositorische eigenschappen van de 20ste-eeuwse minimalistische muziek. Nader beschouwd blijkt iedere uitvoering van het werk echter een geheel nieuwe conceptie te zijn. Afgezien van de flexibele factoren van instrumentatie en uitvoeringsduur (welke in de praktijk heeft gevarieerd van een of enkele uren tot twee dagen) heeft elke ‘cel’ van muziek geen voorgeschreven stijl, stemming of emotionele inhoud. Bij de openingsmaten van het werk geeft Ten Holt een aantal optionele uitvoeringssuggesties als ‘staccato, legato, non-legato’. Op deze wijze komen de kunsten van componeren en uitvoeren bij elkaar in een uniek creatief speelveld. Het stuk was oorspronkelijk gedacht om te worden uitgevoerd op 2 of 4 piano’s, hoewel de première plaatsvond met 3 piano’s en een elektronisch orgeltje. Het werk is tonaal van karakter, bevat amper dissonanten en ontvouwt een geleidelijk verschuivende emotionele en meditatieve kwaliteit, waarbij de lange repetitieve delen door de uitvoerenden worden gekoesterd, terwijl zij zich voorzichtig een weg zoeken door een steeds maar expanderende wereld.